Waarom blokrijden?

De buizen van de Westerscheldetunnel zijn ontworpen voor eenrichtingsverkeer. Daarom is tegenverkeer overdag niet mogelijk. Tijdens een incident, zoals een brand, zorgen de ventilatoren ervoor dat rook met de rijrichting mee de tunnel uit wordt geblazen. Alleen tijdens reguliere onderhoudsnachten kan onder strikte voorwaarden verkeer in twee richtingen door één tunnelbuis rijden. ’s Nachts is het aantal voertuigpassages veel lager en kunnen hulpdiensten bij een incident sneller en gecontroleerder optreden.

VEELGESTELDE VRAGEN

Over blokrijden

We leggen je graag uit hoe blokrijden werkt en waarom we voor deze optie gekozen hebben. Heb je een vraag die hier niet beantwoord wordt? Neem dan contact op met ons via het contactformulier.

Hoe wordt de Westbuis gebruikt tijdens de reparatie?

De reparatie van de Oostbuis van de Westerscheldetunnel start op 11 januari 2027 en duurt naar verwachting vier maanden. In die periode is slechts één tunnelbuis beschikbaar. Een deel van het verkeer krijgt de mogelijkheid om in beide richtingen door de tunnel te reizen. Daarbij wordt gewerkt met gereguleerd blokrijden: per uur rijdt het verkeer afwisselend van Terneuzen naar Borsele en andersom. Onderstaande animatie legt uit hoe dit gaat werken:

Hoeveel personen kunnen er straks in één blok van 50 minuten door de Westbuis?

Dat hangt af van omstandigheden en van zaken die we nog organiseren, dus we geven een indicatie. Let op het woord personen in de vraag. Dat is iets anders dan voertuigen. Als we uitgaan van de huidige verdeling van het verkeer – dus aandeel personenauto’s, bussen en vrachtverkeer – dan kunnen er straks per blok van 50 minuten 575 voertuigen door de westbuis. Het streven is dat daar op de drukste momenten 30 bussen bij zitten, die samen 1500 personen mee kunnen nemen. Gemiddeld reist er per voertuig 1,7 persoon mee, dus dat zijn er 927. In totaal ruim 2400 personen per blok. Door carpoolen te stimuleren gaat dat aantal omhoog, maar als we meer vrachtverkeer toestaan, gaat het totale aantal voertuigen omlaag. Eén cijfer noemen kan dus niet, wel een indicatie. En per tijdstip kan dat veranderen, als bijvoorbeeld besloten zou worden om in de spits minder of geen vrachtverkeer toe te staan en op andere momenten meer. Let op: het ene uur gaat er een stroom voertuigen van Noord naar Zuid, het volgende uur van Zuid naar Noord. Omdat elke richting maar om de twee uur aan de beurt is, moet je het aantal personen per richting bekijken over een tijdspanne van twee uur.

Waarom kijken jullie naar blokken van 50 minuten en niet van 20 minuten?

Er is doorgerekend welke bloklengtes het meest efficiënt zijn. Daarbij speelt de lengte van de tunnel een belangrijke rol. De Westerscheldetunnel is ruim 6,6 kilometer lang. Dat betekent dat het tijd kost voordat het laatste voertuig van één rijrichting volledig uit de tunnel is. Bij korte rijblokken, bijvoorbeeld van 20 minuten, ontstaat daardoor extra wachttijd. Langere rijblokken, zoals 50 minuten rijden en circa 10 minuten leegrijden, zorgen ervoor dat per uur meer verkeer kan passeren dan bij kortere blokken met dezelfde leegrijtijd.

Waarom gaat blokrijden over één rijstrook en niet over twee, zelfs niet van Borssele naar Terneuzen?

Het klinkt misschien gek, maar dan kan er minder verkeer door de tunnel dan wanneer er één rijstrook wordt gebruikt. In onderstaande video wordt dit uitgelegd:

Waarom is tegenverkeer overdag niet mogelijk?

Dat heeft alles te maken met veiligheid. De tunnelbuizen van de Westerscheldetunnel zijn ontworpen voor eenrichtingsverkeer. De ventilatoren in de tunnel blazen bij brand de rook altijd met de rijrichting mee de tunnel uit. In de animatie leggen we uit waarom dat zo van belang is. En waarom dit anders is dan bijvoorbeeld bij tunnels in Zwitserland of Italië, waar de lucht naar boven wordt afgevoerd.   Tijdens reguliere onderhoudsnachten passen we tweerichtingsverkeer in één buis wel toe, maar dat gebeurt alleen onder zeer strikte voorwaarden. ’s Nachts ligt het aantal passages vele malen lager dan overdag. Het risico op incidenten is daardoor aanzienlijk kleiner en hulpdiensten kunnen in dat geval sneller en gecontroleerder optreden.   Overdag is dit niet verantwoord. Het aantal passages is dan van een geheel andere orde van grootte dan ’s nachts, waardoor bij een incident te veel mensen tegelijk in de tunnelbuis aanwezig zouden zijn.   In de volgende animatie wordt nog een keer uitgelegd waarom tegenverkeer in de tunnel overdag niet mogelijk is: 

Tegenverkeer kan niet, omdat de rook maar één kant op kan. Bij blokrijden rijdt het verkeer toch ook in twee richtingen door dezelfde buis. Waarom kan dat dan wel?

Bij tegenverkeer rijden voertuigen tegelijkertijd in twee richtingen door één tunnelbuis. Dat is niet veilig, omdat rook bij een incident maar één kant op kan worden afgevoerd. Bij blokrijden gebeurt dat niet: het verkeer rijdt om en om in één richting door dezelfde tunnelbuis. Na het wisselen van rijrichting wordt de tunnel leeggereden en wordt ook de ventilatierichting aangepast. Zo kan rook altijd in de juiste richting worden afgevoerd.